Cursus gemeentefonds

Op grond van het Regeer- en gedoogakkoord is met ingang van 2012 de zogeheten 'normeringssystematiek' van het gemeentefonds weer heringevoerd. Hierdoor ademt het gemeentefonds weer mee met de rijksuitgaven. Daarnaast vinden momenteel de nodige onderzoeken naar een herijking van het gemeentefonds plaats.

Het Gemeentefonds is bepalend voor ongeveer 1/3e deel van de inkomsten van gemeenten. Hoewel het gemeentefonds zeer belangrijk is voor gemeenten, is de financieringsmethodiek vrij complex en technisch. Er leven dan ook vaak veel vragen: Wat is het gemeentefonds eigenlijk? Is het geld uit het gemeentefonds vrij besteedbaar? Hoe vindt nu de voeding van dit fonds plaats? En hoe geschiedt de verdeling? Hoe moet ik daar als gemeente mee om gaan? Welke gevolgen hebben de onderzoeken naar de herijking van het gemeentefonds voor onze gemeente? Met welke effecten van het Bestuursakkoord dienen we rekening te houden?

De cursus Gemeentefonds verschaft de deelnemers inzicht in het doel en de werking van het gemeentefonds. O.a. de volgende onderwerpen komen daarin aan bod:

  • voeding van het gemeentefonds
  • verdeling van het gemeentefonds
  • werking van het gemeentefonds, incl. taakmutaties
  • onderzoeken naar de herijking van de diverse clusters binnen het gemeentefonds
  • een uitleg over algemene, integratie, decentralisatie en suppletie-uitkering
  • loon- en prijscompensatie binnen het gemeentefonds
  • welke rol speelt het gemeentefonds voor begroting en jaarrekening?
  • de specifieke vertaling van de gemeentefondscirculaire naar het eigen begrotingsbeleid
  • actuele ontwikkelingen, zoals de laatste stand van zaken met betrekking tot het Bestuursakkoord, de decentralisaties, etc. etc.

 

Bovenstaande onderwerpen zullen uitgebreid uitgelegd en geïllustreerd worden aan de hand van voorbeelden uit de praktijk. Naast de genoemde onderwerpen zullen we ook kort stil staan bij vragen die (veel) gesteld kunnen worden door raadsleden en andere niet-financiële mensen, zoals vakinhoudelijke medewerkers van de vakafdelingen.